
Voor de vierde keer was ik afgelopen donderdag te gast bij het oogstfeest Stöppelhaene in Raalte. Het evenement, dat dit jaar voor de 57e keer werd georganiseerd, trekt elk jaar ruim 150.000 mensen naar Salland. Een kleine vijfhonderd enthousiaste vrijwilligers zorgen er voor dat alles in goede banen wordt geleid, tot aan de beveiliging toe. Het hoogtepunt is toch wel het gezamenlijke ‘graan dorsen’ door de pastoor, de dominee en de burgemeester. Daarna volgt een optocht van prachtig versierde wagens, waarbij vooral het leven op het platteland en het belang van de landbouw centraal staan.
Dit jaar was minister Gerda Verburg als speciale gast aanwezig. Het bestuur van de stichting Stöppelhaene had de wens om de minister van LNV te ontvangen ruim een jaar geleden bij mij neergelegd tijdens een bezoek aan de Tweede Kamer. Ik was erg blij toen de minister bereid bleek om op ons verzoek in te gaan. In het debat dat plaatsvond met burgers en organisaties uit de regio – de SP liet het afweten – maakte zij een goede en stevige indruk. Na afloop bezochten we met een delegatie nog het evenemententerrein en de politiepost.
In de week voorafgaand aan Stöppelhaene kon ik overigens al opwarmen bij de feestelijke Pompdagen in Heino en het waterspektakel in Laag Zuthem. Ter afsluiting was ik vrijdagochtend met mijn collega Sabine Uitslag aanwezig bij de opening van de stand van Tactus Verslavingszorg op Stöppelhaene. Vanuit deze stand proberen enkele jonge vrijwilligers hun leeftijdsgenoten bewust te maken van de risico’s van (te) veel alcohol drinken op jonge leeftijd. Dat is geen eenvoudige opgave, maar de jongeren waren zeer gedreven en overtuigd van hun missie. We waren het er snel over eens dat ouders, jongeren zelf, scholen en ook de overheid duidelijk en consistent moeten zijn in hun boodschap: geen alcohol onder de 16 jaar!
De komende weken gaat de kennismaking met mijn nieuwe woongemeente door. Ik kwam als Zwols Kamerlid overigens al geregeld in mijn toenmalige buurgemeente Raalte. Maar nu ik zelf in de gemeente woon, vind ik het van belang om de lokale samenleving nog beter te leren kennen. Daarom zal ik op 19 september aanstaande samen met CDA-wethouder Roger de Groot gesprekken voeren met de (nieuwe) burgemeester Piet Zoon, de Adviesraad Werk en Inkomen (waarin een aantal maatschappelijke organisaties zijn vertegenwoordigd) en de ondernemersverenigingen in Raalte en Heino. Ook zal ik op 25 september deelnemen aan de beursvloer in Raalte; een prachtig initiatief waarbij bedrijven en organisaties verkennen wat zij voor elkaar kunnen betekenen. Op Prinsjesdag (16 september) is wethouder Roger de Groot mijn gast in Den Haag; hij zal dan in de Ridderzaal de troonrede bijwonen. We zullen dan ook verkennen wat de rijksbegroting voor 2009 concreet voor burgers in Overijssel en Raalte betekent.
Nog één week, en de vergaderingen in Den Haag gaan weer beginnen. In de media hoor ik links en rechts collega’s uit de startblokken schieten. Zoals de afgelopen week mijn PvdA-collega Van Dijken met het sympathieke klinkende idee voor gratis parkeren voor gehandicapten. Maar waarom wel gratis parkeren voor gehandicapten, maar bijvoorbeeld niet voor ouderen? Er valt nog heel veel te winnen in het beter bereikbaar maken van binnensteden, winkelcentra en openbare gebouwen met de auto en het openbaar vervoer. Als we willen dat gehandicapten volwaardig kunnen meedoen in de samenleving, moeten we daar eerst maar eens geld in steken. Ook valt het mij op dat de PvdA het kennelijk een probleem vindt dat gemeenten verschillend omgaan met de parkeervoorzieningen voor gehandicapten, terwijl men tegelijkertijd de verantwoordelijkheid voor de hele Wajong (uitkering, re-integratie, …) wil overdragen aan gemeenten. Die pleidooien gaan toch moeilijk samen.
Vrijdag was ik met mijn Zwolse collega Arie Slob (ChristenUnie) op bezoek bij de Schalm, een school voor speciaal basisonderwijs. Het was erg leuk om weer eens samen op stap te zijn. In de vorige periode deden we dat nog elke twee maanden, samen met onze toenmalige collega Co Verdaas (PvdA). Het bezoek aan de Schalm was het resultaat van een ‘match’ op de beursvloer in Zwolle, waar bedrijven en maatschappelijke organisaties elkaar diensten aanbieden. Ook Arie en ik hebben daar onze inzet aangeboden. Directeur Gé Mulder van de Schalm zag hierin een aanleiding om ons te informeren over hun succesvolle methode om moeilijk lerende kinderen te leren rekenen en spellen. Om te ervaren hoe deze methode werkt hebben we ook zelf even in de schoolbankjes plaatsgenomen.
Een dag eerder was ik met fractievoorzitter Pieter van Geel te gast bij het Arbeids- en Traingscentrum (ATC) van een re-integratiebedrijf in Rotterdam. Hier worden langdurig werklozen voorbereid op een terugkeer naar regulier werk, door middel van individuele gesprekken, training van vaardigheden en het opdoen van werkervaring. Tijdens het werkbezoek werden wij gesterkt in de opvatting dat er nog veel te winnen valt in de re-integratiewereld. Met een selectief aanbod van opleidingen en trainingen, een verplichtende aanpak en een duidelijk perspectief op regulier werk kunnen er meer mensen aan het werk geholpen worden. Voor mij was het aanleiding om te pleiten voor een doorstart van het project Seizoensarbeid in de land- en tuinbouw. Een week eerder was ons bij het bezoek aan de boomkwekers in Zundert opnieuw duidelijk geworden dat de agrarische sector zit te springen om mensen. Ik vind dat wij onze blik niet te snel moeten richten op Roemenen en Bulgaren, terwijl er nog 1,3 miljoen mensen met een uitkering in de kaartenbakken van het UWV en de gemeenten zitten.
Vorige week donderdag liep ik een dag stage bij het Zonnehuis in Zwolle. Dit leek me goed met het oog op de naderende discussie in de Kamer over de toekomst van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). ’s Ochtends liep ik mee met verzorgsters op een afdeling voor dementerende bejaarden. Ook heb ik een goed gesprek gevoerd tijdens de koffie met de bewoners van Sans Soucis, een complex van seniorenwoningen naast het Zonnehuis. Daarna geluncht met leidinggevenden en vertegenwoordigers van het zorgnetwerk Zwolle en een gesprek gevoerd met vertegenwoordigers van de cliëntenraad. Conclusie: de zorg staat voor een enorme opgave. Het verzorgend en verplegend personeel verdient het grootste respect; zij doen belangrijk en zwaar werk onder grote werkdruk. De vraag naar ouderenzorg zal de komende jaren echter alleen maar verder stijgen. De vraag is hoe deze vraag kan worden opgevangen, zonder dat de kosten uit de hand lopen (we betalen nu al zo’n € 300 AWBZ-premie per persoon per maand). Ook is het de vraag of er genoeg ‘handen aan het bed’ te vinden zijn om alle zorg te leveren. De politiek wacht een stevige discussie over noodzakelijke ingrepen, om ook in de toekomst een goede zorg te kunnen garanderen.
Mijn vakantie zit er op, maar de Tweede Kamer is nog de hele maand augustus met reces. Tijd voor het wegwerken van mail- en leesachterstanden, verdieping en werkbezoeken dus.
Vorige week heb ik al voor enkele prangende kwesties aandacht gevraagd in de media. Afgelopen vrijdag was ik samen met Ger Koopmans op werkbezoek in Kampen. Hier werden we door de lokale CDA-fractie geïnformeerd over de achterstand in het onderhoud van de (vele) monumenten in de stad. Ook hebben we ons verdiept in de havenambitie van Kampen en het verbeteren van de vaarweg tussen Harlingen en Kampen.
Een week eerder was ik op bezoek in de St. Willibrordskerk in Boskamp. Ook deze kerk kampt met verval van het gebouw en het monumentale orgel, en slaagt er maar niet in om de benodigde subsidie los te krijgen. Duidelijk is dat de € 50 mln die we als CDA-fractie onlangs op tafel hebben gelegd om restauratieachterstanden weg te werken (o.m. voor de Nieuwe Toren in Kampen) een druppel op de gloeiende plaat is.
Morgen bezoek ik – wederom samen met Ger Koopmans – twee bedrijven in de regio Noord-Limburg, en een veelbelovend initiatief van Erik en Cindy om meer jonggehandicapten aan de slag te krijgen. ’s Avonds ben ik toeschouwer bij de wielerronde van Zwolle. Donderdag loop ik een dag stage bij het verpleeg- en verzorgingshuis het Zonnehuis in Zwolle. Hier zullen ook de toekomst van de AWBZ en de personeelsproblemen in de zorg aan de orde komen. Vrijdag ben ik op uitnodiging van de Land- en Tuinbouworganisatie LTO te gast bij een agrarisch bedrijf in Zundert. Hier zullen we spreken over het belang van Polen, Roemenen en Bulgaren voor de agrarische sector.
Volgende week ben ik onder meer aanwezig bij de introductie van eerstejaarsstudenten in Zwolle (het GRASdebat), bezoek ik het ArbeidsTrainingsCentrum in Rotterdam waar langdurig werklozen arbeids- en sociale vaardigheden opdoen en bezoek ik samen met Arie Slob (ChristenUnie) de speciale basisschool de Schalm in Zwolle. Ook wordt ik samen met collega’s Ad Koppejan en Ruud van Heugten bijgepraat over het project IJsseldelta. Het gaat dan om een creatieve combinatie nabij Kampen van ontwikkelingen op het gebied van waterveiligheid, woningbouw, natuur, recreatie en infrastructuur.
In de laatste week voordat de Kamer weer van start gaat vinden de gebruikelijke heisessies, startbijeenkomsten en zomercursussen plaats van de fractie, fractiecommissies en de provinciale partijorganisatie. ‘Mijn’ fractiecommissie sociale zaken komt dit keer bijeen op de hei in Laag Zuthem, waar we ons in het gemoedelijke café de Buurman zullen bezinnen op de arbeidsmarkt, sociale zekerheid en het inkomensbeleid. Ook zal ik uiteraard aanwezig zijn op regionale manifestaties in mijn nieuwe woongemeente, zoals de Pompdagen in Heino en Stöppelhaene in Raalte.
Kortom, het worden mooie weken!
Het CDA wil dat mensen geen BTW meer hoeven te betalen voor eenvoudige werkzaamheden in en rond het huishouden, zoals schoonmaken, strijken, boodschappen doen en klusjes. Op deze wijze kan het ook voor bedrijfjes aantrekkelijk worden om deze diensten aan te bieden en kan zwartwerk worden teruggedrongen.
Dit voorstel, dat ik onlangs samen met mijn collega's Pieter Omtzigt en Frans de Neree al heb voorgelegd aan het kabinet, kreeg vandaag veel aandacht in de media naar aanleiding van een artikel in het Algemeen Dagblad. De Tweede Kamer worstelt al een tijd met de vraag hoe de markt voor persoonlijke dienstverlening gestimuleerd kan worden. Als gezinnen hun schoonmaak- en ander huishoudelijk werk eenvoudig en goedkoop kunnen uitbesteden, kunnen zij meer uren werken of aan andere dingen besteden. Ook wordt zo werkgelegenheid gecreëerd aan de onderkant van de arbeidsmarkt voor laaggeschoolden, zoals mensen met een uitkering of herintreders.
Een dilemma is dat veel huishoudelijk werk momenteel in het zwarte circuit plaatsvindt. Het kabinet heeft getracht dit te ondervangen met de regeling Dienstverlening aan Huis (DAH). Een gezin kan volgens deze regeling maximaal drie dagen per week een werkster in dienst nemen, zonder belastingen en premies te hoeven afdragen. De werkster moet de inkomsten zelf opgeven bij de Belastingdienst. Op basis van gesprekken met diverse betrokkenen uit de praktijk kom ik tot de conclusie dat deze regeling onvoldoende doordacht is en slecht uitgevoerd wordt. Zo zijn gezinnen slecht op de hoogte van de rechten, plichten en risico's als zij werkgever worden van een huishoudelijke hulp. De werkster zelf is bovendien niet verzekerd, heeft geen perspectief op bijvoorbeeld opleidingen en doorgroei en heeft geen prikkel om de inkomsten op te geven.
Desondanks vind ik dat deze regeling moet blijven bestaan, zodat gezinnen de keuze hebben: of werkgever worden, of een bedrijf inhuren dat huishoudelijke diensten aanbiedt en waarbij de werkster in loondienst is. De regeling DAH moet dan wel op een aantal punten sterk worden verbeterd. Door daarnaast de BTW op deze bedrijfsmatig aangeboden diensten af te schaffen wordt het tarief meer concurrerend ten opzichte van het 'zwarte' tarief. Deze BTW-maatregel stuitte lange tijd op Europese belemmeringen, maar de Europese Commissie heeft onlangs laten weten dat lidtstaten meer ruimte krijgen om lagere BTW-tarieven te hanteren voor "arbeidsintensieve en lokale diensten".
Ik heb overigens niet de illusie dat we de zwarte markt op deze manier helemaal terugdringen. Wel wordt het legale alternatief aantrekkelijker voor zowel gezinnen als werksters. Hiermee komen we voor een deel tegemoet aan een advies van de Raad voor Werk en Inkomen (RWI), die de Tweede Kamer enige tijd geleden adviseerde om de officiële markt voor persoonlijke dienstverlening aantrekkelijker te maken.
Traditionele zeezeilschepen uit Nederland dreigen in onder meer Denemarken en Duitsland aan de ketting te worden gelegd. De problemen ontstaan doordat deze Europese lidstaten het Nederlandse certificaat voor de veiligheid van zeezeilschepen niet erkennen. Dit certificaat wordt door de Nederlandse overheid afgegeven na een grondige keuring door het Register Holland.
Op Europees niveau is er al langere tijd een discussie gaande over de veiligheidsnormen voor traditionele zeilschepen. Volgens de internationale regels – vastgelegd in de zogeheten SOLAS-conventie – moeten alle passagiersschepen groter dan 500 ton die internationale reizen op zee maken voldoen aan bepaalde veiligheidseisen. Deze normen houden echter geen rekening met de specifieke kenmerken van historische zeezeilschepen, zoals de beperkte ruimte aan boord, de traditionele bouw, het beperkte aantal passagiers (die bovendien actief meewerken en goed voorgelicht zijn) en de verhoudingsgewijze hoge kosten. De veiligheidseisen voor cruiseschepen en veerboten worden op een bureaucratische manier één op één van toepassing verklaard op traditionele zeezeilschepen.
Het CDA is er met de brancheorganisatie voor de chartervaart (BBZ) van overtuigd dat het mogelijk is om de veiligheid op de zeilschepen te waarborgen, zonder afbreuk te doen aan hun historisch karakter. Wij pleiten voor een apart internationaal erkend veiligheidscertificaat voor de traditionele zeezeilvaart, zodat maatwerk mogelijk blijft. Het zal echter wel enige tijd kosten om dit voor elkaar te krijgen. In de tussentijd moeten de havens van andere lidstaten toegankelijk blijven voor de Nederlandse zeilschepen en zal met Denemarken en Duitsland een praktische oplossing bereikt moeten worden.
Concreet zal ik samen met mijn collega Ad Koppejan aan staatssecretaris Huizinga vragen om zich in het overleg met de andere EU-lidstaten te blijven inzetten voor een specifiek veiligheidscertificaat voor de traditionele zeezeilvaart. Wij zullen de staatssecretaris verzoeken om de Kamer op korte termijn (vertrouwelijk) te informeren over haar inzet voor de onderhandelingen die in september zullen plaatsvinden. Daarnaast zal Corien Wortmann van de CDA-fractie in het Europarlement deze kwestie bij de Europees Commissie niveau aankaarten. Wij hebben ons al eerder gezamenlijk ingezet voor het behoud van de traditionele zeilvaart. Voor de Europese Commissie is het behoud van maritiem erfgoed naar eigen zeggen een belangrijk speerpunt.
Niet in de laatste plaats zal ik zeker ook de petitie ondertekenen die door de brancheorganisatie BBZ is opgesteld. Als trotse houder van de ‘erepenning van verdienste voor de zeilende beroepsvaart’ (Enkhuizer Zeevaartschool, 2005) kan ik natuurlijk niet anders… Ik roep langs deze weg iedereen op om de actie van BBZ te steunen. De petitie is te vinden op www.bbz-charter.nl
De afgelopen dagen viel in de media te vernemen dat het Gemeentelijk Vervoerbedrijf in Amsterdam veertig Polen in dienst heeft genomen als busschauffeur. Ik vind het echt te zot voor woorden. Bij de sociale dienst van de gemeente Amsterdam staan ruim 30.000 mensen ingeschreven met een bijstandsuitkering. De gemeente heeft de ambitie om de komende jaren veel mensen met een gesubsidieerde baan aan regulier werk te helpen, liet wethouder Ossel onlangs weten. Over de vele duizenden werklozen en gedeeltelijk arbeidsgeschikten in de regio hebben we het dan nog niet eens gehad.
Natuurlijk begrijp ik ook dat bedrijven te maken kunnen krijgen met acute personeelsproblemen en bij gebrek aan alternatieven naar het buitenland kijken. Maar hier wringt nu juist de schoen; er zijn wel degelijk alternatieven. We hebben in Nederland circa 1,3 miljoen mensen met een uitkering (bijstand, WW, arbeidsongeschiktheid). Veel van hen willen wel degelijk werken, maar komen moeilijk aan de bak. Denk aan oudere werkzoekenden, allochtonen en mensen/jongeren met een beperking. Daarnaast zijn er nog honderdduizenden mensen zonder uitkering die kunnen en willen werken, maar wiens kennis en vaardigheden verouderd zijn of simpelweg ontbreken (de zogeheten 'nuggers'). Bijkomend probleem is dat de arbeidsmarkt slecht functioneert en dat mensen werkzoekenden onvoldoende snel, flexibel en gericht worden toegeleid naar de plaatsen waar ze hard nodig zijn. Een commissie onder leiding van TNT-voorman Peter Bakker heeft hierover onlangs een scherpe analyse gepresenteerd (het rapport 'Naar een toekomst die werkt').
Het kabinet heeft de ambitie om de arbeidsparticipatie te verhogen en zo veel mogelijk mensen aan het werk te helpen. Dit betekent concreet dat het CWI, UWV en gemeenten actief moeten inspelen op de vacatures die er zijn en reïntegratie- en opleidingstrajecten op maat moeten aanbieden. Ik heb het al eens eerder gezegd: er gaat jaarlijks ruim twee miljard om in de re-integratiewereld. Dat geld wordt vele malen effectiever besteed als het gekoppeld wordt aan het toeleiden van werkzoekenden naar concrete vacatures. Ook in de transportsector.
Dat het ook anders kan, bewijst men in Noord-Nederland. Hier is het bedrijf Arriva samen met CWI, UWV en gemeenten in de regio het project 'Instroom en opleiding werkloos werkzoekenden tot chauffeur' gestart. Om het personeelsverloop op te vangen en extra diensten te kunnen aanbieden worden langdurig werklozen in een periode van drie tot vier maanden opgeleid tot buschauffeur, waarna een contract wordt aangeboden. Het vergt dus enig vooruitdenken (ofwel een strategisch personeelsbeleid) en bedrijven moeten samen met CWI, UWV en gemeenten tijd en energie steken in het werven en opleiden van kandidaten. Maar dan kun je samen ook iets bereiken. Vandaar dat ik staatssecretaris Aboutaleb via schriftelijke vragen heb opgeroepen om ook de regio Amsterdam aan te sporen om meer werk te maken van zo'n vraaggerichte re-integratie van werklozen. De gemeenteraadsfractie in de stad steunt mijn pleidooi. Zie ook het artikel dat hierover vandaag in de Telegraaf is verschenen onder de kop "CDA hels over stadsbus-Polen".
Het zomerreces is aanstaande. Hoog tijd dus om even terug te blikken op het afgelopen half jaar. Het was een periode waarin er op het terrein van sociale zaken en werkgelegenheid veel is gebeurd, zeker in politiek opzicht. Denk aan het gedoe over het ontslagrecht, de discussie over de groei van het aantal jonggehandicapten in de Wajong, onze kritiek op de effectiviteit van re-integratie van werklozen (€ 2 miljard per jaar!) en de problemen rond de Poolse arbeidsmigranten. Gelukkig zijn we er als coalitiepartijen in geslaagd om samen de schouders onder noodzakelijk maatregelen te zetten. Want het aantal vacatures mag dan toenemen en de werkloosheid mag historisch laag zijn; veel jonggehandicapten, werkloze ouderen en allochtonen komen nog steeds moeilijk aan de slag. En burgers zitten niet te wachten op politiek gedoe, maar op duidelijkheid en daadkracht. Voor het CDA heeft het een hoge prioriteit dat we deze periode een duidelijke stap zetten naar een samenleving waarin iedereen naar vermogen kan meedoen.
Behalve vergaderen heb ik de afgelopen tijd veel bezoeken gebracht aan bedrijven en instellingen. Zo heb ik inspiratie opgedaan bij de Bataviawerf in Lelystad en de BOP-Academie in Deventer (aanpak probleemjongeren zonder startkwalificatie), het buurtbedrijf Cambio in Deventer (inzet van langdurig werklozen) en diverse werkprojecten voor jonggehandicapten en sociale werkplaatsen. Heel bijzonder was de ‘stage’ bij een Wajonger op een school in Amsterdam, op initiatief van de CNV-Jongeren. Ook waren er werkbezoeken aan Steenwijkerland, Zwartewaterland, Zwolle, Dalfsen, Hardenberg en Kampen, georganiseerd in een goede samenwerking met de lokale CDA-fracties.
Op 4 juni ontving ik in de Tweede Kamer ruim zeventig ondernemers uit de regio Zwolle. Het was de tweede keer dat ik samen met het MKB IJssel-Vecht en de Business Company een contactdag voor het regionale bedrijfsleven organiseerde. Het gezelschap kwam met een speciaal gereserveerde trein uit Zwolle! Het werd een zeer geslaagde dag van netwerken, lobbyen en gezelligheid. Netwerken, omdat de ondernemers volop de gelegenheid hadden om contacten op te doen met politici. Zo waren minister Donner van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, CDA-fractievoorzitter Pieter van Geel en oud-PvdA-fractievoorzitter Jacques Tichelaar van de partij. Lobbyen, omdat brandende kwesties rechtstreeks onder de aandacht van de aanwezige politici konden worden gebracht. Er waren forumdiscussies over de knellende arbeidsmarkt en het belang van innovatie. MKB-voorzitter Colard Sjerps overhandigde een petitie aan de verkeerswoordvoerders met een pleidooi voor een snelle verbreding van de A28. Maar ook gezelligheid, want tijdens de rondleiding door de Eerste en de Tweede Kamer, de borrel en het diner viel er veel te lachen.
De uitdagingen waar de grote steden voor staan hebben de komende tijd onze bijzondere aandacht. De CDA-fractie is onlangs gestart met een adoptieproject in een groot aantal steden. Naast de Zwolse wijk Holtenbroek, die ik al enige jaren onder mijn hoede heb, heb ik nu ook de Rivierenwijk in Deventer geadopteerd. Deze wijk valt onder de zogeheten ‘prachtwijken’-aanpak van minister Vogelaar. Ook de komende periode kan ik de ontwikkelingen in twee grote steden zo op de voet blijven volgen. Een filmpje over een recent werkbezoek aan de wijk Holtenbroek is te vinden op mijn site www.e-vhijum.hyves.nl
Ook hebben we de afgelopen maanden stevig gelobbyd voor regionale (infrastructuur-)projecten, en ik mag toch wel zeggen met succes. Dit alles overigens mede dankzij een voortreffelijke samenwerking met onze nieuwe verkeerswoordvoerder Ger Koopmans. Zo kwam er na stevige druk op staatssecretaris Huizinga via het amendement Cramer/Van Hijum € 10 mln extra voor de realisatie van een ‘toekomstvaste schutsluis’ in Zwartsluis. Voor de aanpak van de N35 tussen Heino en Zwolle was er dankzij het amendement Van Hijum/Hofstra uit 2006 al € 16 mln beschikbaar, en de regio heeft hier € 30 mln bij gelegd. Rijkswaterstaat dreigde onlangs roet in het eten te gooien met een flinke opslag op de uitvoeringskosten, maar minister Camiel Eurlings kon de Kamer geruststellen. Ook de A1 en de N18 zijn stevig onder de aandacht gebracht van de minister, die echt oog voor onze regio lijkt te hebben. Zo stelde hij voor de verplaatsing van het station in Nijverdal € 4 mln extra beschikbaar. Ook hebben we ons ingezet voor een mogelijke doorstart van het vliegveld Twente. Als klap op de vuurpijl stelde het CDA extra geld beschikbaar voor achterstallig onderhoud van monumenten, waaronder de Ambachtschool in Zwolle en de Nieuwe Toren in Kampen.
Goed nieuws is ook dat de Overijssel-equipe in de CDA-fractie is versterkt met de komst van Sabine Uitslag. Zij is niet alleen een veelbelovend talent, maar ook een geweldige zangers. Een mooi excuus om mijn gitaar weer eens uit de kast te halen. We hebben inmiddels twee succesvolle optredens achter de rug…
Het CDA wil dat het aantrekkelijker en vooral eenvoudiger wordt voor werkgevers om een arbeidsgehandicapte in dienst te nemen. Volgens het CDA wordt de positieve grondhouding van veel werkgevers ondermijnd door de complexiteit van de regelgeving, onzekerheid over financiële risico?s en hoge administratieve lasten. En door koudwatervrees.
Deze week zijn we als CDA-fractie gestart met het initiatief ?Inspiratie in de buurt?. Alle Kamerleden hebben een wijk in een grote stad geadopteerd die zij regelmatig zullen bezoeken. We willen op deze manier onze betrokkenheid tonen bij de ontwikkelingen in de steden en kennis maken met bewoners en bedrijven in de wijken. Deze contacten stellen ons in staat om kritisch te blijven volgen hoe het Grote Stedenbeleid, dat in Den Haag wordt uitgedacht, in de praktijk uitwerkt.
Het quotum is terug van weggeweest. Minister Ter Horst dreigde de landelijke politietop enkele weken geleden met ingrijpen als in 2011 niet ten minste 30% van de topfuncties wordt vervuld door vrouwen en allochtonen. Agnes Jongerius deed er onlangs nog een schepje bovenop. Wettelijke quota voor het bedrijfsleven moeten er toe leiden dat vrouwen over vier jaar 40% van alle topfuncties bezetten. Onze collega?s van de PvdA schijnen achter de schermen te werken aan een wetsvoorstel in deze richting.