Afgelopen dinsdag voelde de Kamer tijdens het vragenuurtje minister Donner aan de tand over de sterke toename van het aantal Poolse werknemers. De Kamer heeft in mei dit jaar ingestemd met het opheffen van de vergunningplicht voor werknemers uit de nieuwe EU-lidstaten. Er werkten op dat moment overigens al veel Polen in ons land; met een Duits paspoort, als zelfstandige of als gedetacheerde. Of illegaal. Maar sinds mei mogen alle Oost-Europeanen hier zonder beperkingen als werknemer aan de slag.
Volgens het kabinet zijn er inmiddels ruim 100.000 Polen in Nederland aan het werk.Bedrijven maken dankbaar gebruik van de inzet van de veelal goed gemotiveerde en hard werkende Polen. De sterke toename van het aantal Poolse werknemers is inmiddels echter ook voor veel burgers zichtbaar en merkbaar. In wijken en straten en op de snelwegen zien we steeds meer auto’s met Poolse nummerplaten. In een aantal wijken is sprake van overlast; of het nu gaat om parkeerproblemen, overbewoning, of lawaai als gevolg van overmatig alcoholgebruik. Steeds meer Poolse gezinnen vestigen zich hier voor langere tijd, en brengen hun kinderen hier naar school.
Komende week zal de Kamer opnieuw met minister Donner spreken over de problemen. Ik zal dan namens de CDA-fractie inbrengen dat we niet dezelfde fouten moeten maken als enkele decennia geleden, toen vele Turkse en Marokkaanse gastarbeiders naar Nederland kwamen. Werkgevers en gemeenten moeten zorgen voor adequate huisvesting. Het kabinet dient gemeenten zo veel mogelijk te ondersteunen in het aanpakken van de overlast en illegale bewoning. En als Poolse werknemers zich hier inschrijven en kinderen naar school laten gaan, dan zullen zij een taalcursus moeten volgen. Wachten tot er problemen en achterstanden ontstaan, is onacceptabel. Werkgevers en gemeenten kunnen daarnaast actief vrijwillige taal- en inburgeringcursussen aanbieden.
Daarnaast blijft een stevige aanpak van illegale arbeid, uitbuiting en schijnconstructies van groot belang. Het is op zich prima dat buitenlandse werknemers hier werken, maar dan moet er wel sprake zijn van eerlijke concurrentie. Uitbuiting in de vorm van het ontduiken van het wettelijk minimumloon of het niet zo nauw nemen met arbeidsomstandigheden of –tijden is onacceptabel. De Arbeidsinspectie zal in sectoren zoals de bouw, de horeca, het transport en de land- en tuinbouw extra scherp moeten controleren.
Afgelopen week haalde mijn collega Ineke van Gent van GroenLinks weer eens het plan uit de kast om anoniem solliciteren in te voeren. Symboolpolitiek! De aanleiding was een rapport van het SCP, waaruit blijkt dat de werkloosheid onder allochtonen nog steeds hoog is. Ook voelen velen zich ongelijk behandeld door werkgevers, zowel bij sollicitaties als op de werkvloer.
Maar anoniem solliciteren is echt het paard achter de wagen spannen. We gaan het in dit land toch niet accepteren dat mensen hun naam en identiteit weg moeten tipp-exen om een baan te krijgen? Ik geloof er bovendien niets van dat het werkt. Na de schriftelijke sollicitatie volgt immers altijd nog een gesprek, en juist hier gaat het vaak mis. Experimenten met anoniem solliciteren zijn (in tegenstelling tot wat vaak wordt beweerd) geen onverdeeld succes. Beter is het om aandacht te besteden aan het verder terugdringen van taalachterstanden en voortijdige schooluitval, gerichte werving en selectie onder allochtonen en aandacht voor diversiteit in het personeelsbeleid. En wie zich gediscrimineerd wordt, moet zich gesteund weten door de Commissie Gelijke Behandeling en door politie en justitie, die hun tanden in de zaak zetten. Donderdagmiddag mocht ik dit standpunt toelichten op radio 1 in het programma Stand.café, waar ik overigens door alle files maar net op tijd was.
Eerder in de week een boeiende CDA-ledenvergadering meegemaakt in Hoogeveen, waar het ontslagrecht en arbeidsmarktbeleid centraal stonden. Dinsdag en woensdag volop vergaderd in Den Haag. Donderdagochtend heb ik les gegeven op basisschool de Aquarel in het kader van de Dag van Respect. Het werd een levendig gesprek met de circa vijftig leerlingen. Ik schrok zowaar van de ruzies, geweld en beledigingen waar de kinderen van tien tot twaalf jaar soms al mee te maken hebben. Respect voor de ander in het klaslokaal, op het sportveld en in de buurt bleek de kinderen erg aan te spreken. Een echte ‘eye-opener’ voor de klas kwam van een meisje dat er voor pleitte om je af en toe eens te verplaatsen in een ander.
Vrijdag bezocht ik in het kader van de (voortaan) jaarlijkse CDA-bedrijvendag met een aantal collega’s de bedrijven NAM bij Roden en MOES in Zwolle. Een heleboel geleerd over de gasproductie in Nederland en het vasthouden van oudere werknemers in de bouw. Zaterdagochtend volgde nog een boeiende themabijeenkomst over ‘kind en maatschappij’ tijdens de jaarlijkse Holtense dag van het CDA-Overijssel. Ook de actualiteit met betrekking tot het functioneren van de jeugdzorg (de ‘zaak-Savanna’) kwam volop aan de orde. Een eenvoudig samen te vatten conclusie kende de bijeenkomst niet, maar het grote belang van gezin en opvoeding werd breed onderschreven. Ik heb er voor gepleit dat het CDA ook in Overijssel (net als bijvoorbeeld in Rotterdam) het initiatief neemt tot een regionaal debat over opvoeding in relatie tot een aantal problemen, zoals alcoholgebruik.
De afgelopen week stond in het teken van twee thema's: de Wajong en het ontslagrecht. Woensdag voerde de Tweede Kamer het langverwachte debat met minister Donner over de arbeidsdeelname van jonggehandicapten (Wajongers) in de samenleving. Dit is een groep jongeren waarvoor ik me deze periode echt wil inzetten, en ik had me goed op het debat voorbereid. Veel werkbezoeken afgelegd, mensen gesproken, een ronde tafelgesprek met betrokkenen georganiseerd en het initiatief genomen tot een hoorzitting in de Tweede Kamer. Dinsdagochtend vroeg mocht ik in het TV-programma Goedemorgen Nederland de plannen van de CDA-fractie toelichten om meer jonggehandicapten aan het werk krijgen.
Des te groter was de teleurstelling dat Donner in het debat eigenlijk nauwelijks op onze voorstellen in ging. Sterker nog, hij presteerde het om mijn voorstel om in 2020 in totaal 35% van de jongeren aan het werk te hebben (tegen 25% nu) af te doen als dronkemansheroïek. Ik heb hier behoorlijk gepikeerd op gereageerd, en het siert de minister dat hij hierop zijn verontschuldigingen aanbod. Maar de toon voor het debat was natuurlijk wel gezet. Volgende week gaat de discussie verder en zullen we als CDA een aantal moties indienen om het kabinet wat verder op het goede spoor te helpen.
Het was niet de enige keer dat ik minister Donner deze week trof. In de aanloop naar het partijcongres van het CDA en een overleg tussen de coalitiepartijen heb ik veel tijd besteed aan het ontslagrecht. Het conflict hierover met de PvdA-fractie sleept al een tijdje. Woensdagavond was er een spoeddebat over dit onderwerp, aangevraagd door D66, naar aanleiding van uitlatingen van Pieter van Geel vanaf de Antillen. Ik heb toen nog maar eens uitgelegd dat het kabinet was ons betreft met een voorstel mag komen voor een eenvoudiger en eerlijker ontslagrecht, maar wel rekening moet houden met de zorgen die er in de samenleving leven. Zeker als het gaat om de rechtsbescherming van werknemers. Ook zal er meer aandacht moeten komen voor zaken als scholing, het op peil houden van kennis en vaardigheden en werk-naar-werk-bemiddeling bij ontslag. Dat mensen hun baan verliezen kunnen we helaas niet altijd voorkomen, maar we kunnen wel de kans van mensen op werk en inkomen vergroten. Ook tijdens het CDA-partijcongres werd de discussie over aanpassing van het ontslagrecht volop gevoerd. Hier bleek weer hoe goed het is dat we een brede volkspartij zijn waarin zowel werkgevers, vakbondsleden, jongeren als ouderen actief zijn. Vooral in de vroege ochtendsessie was er een pittige, maar inhoudelijk goede discussie. Uiteindelijk kreeg Donner van de partij de ruimte en het vertrouwen om door te gaan met de uitwerking van zijn plannen. Hij deed echter wel de duidelijke toezegging rekening te zullen houden met de zorgen en zei bereid te zijn tot “wezenlijke stappen”. Om er uit te komen zal nu ook de PvdA eindelijk duidelijk moeten maken wat men wél wil…
Verder was er vrijdag nog een werkbezoek aan de gemeente Olst/Wijhe in het kader van mijn ‘ronde’ door West-Overijssel. Het lokale CDA had weer voor een uitstekend programma gezorgd. Ook de net aangetreden burgemeester Ton Strien haakte bij het bezoek aan. We zijn rondgeleid bij een woon/werkvoorziening voor gehandicapten, hielden een spreekuur en bezochten het bedrijf Stegeman in Olst. Dit bedrijf maakte onlangs bekend om 88 van de ruim 700 werknemers te ontstaan. Het gesprek ging dan ook vooral over de felle concurrentie in de branche, het landelijke en regionale vestigingsklimaat én uiteraard de inspanningen van het bedrijf om mensen aan nieuw werk te helpen.
Na het partijcongres van zaterdag was ik nog uitgenodigd voor de high tea die het steunpunt informele zorg in Zwolle als blijk van waardering organiseerde voor mantelzorgers in onze regio. Meer dan driehonderd mensen waren aanwezig, en ik heb ze kort mogen toespreken over het grote belang van de informele zorg door familie en vrienden voor chronisch zieken en gehandicapten. Na afloop van de bijeenkomst heb ik nog een aantal heel interessante gesprekken met enkele aanwezigen gevoerd. Toen ik rond half zes eindelijk weer eens thuis was hie ik de piip wol út, zoals de Friezen zeggen.
Vandaag heb ik samen met vier partijgenoten een vrijwilligersklus gedaan in Deventer. In het kader van ?Make a Difference Day? (MADD) hebben we de schuur en tuin van een bejaarde man toegankelijk gemaakt voor zijn scootmobiel. Hierdoor is hij weer in staat om er op uit te trekken, zelf zijn boodschappen te doen, etc. Mooi om te doen, maar het was toch ook wel triest om te zien hoe mensen kunnen vereenzamen.
De klus was ons aangeboden door de stichting Present. Deze stichting is inmiddels actief in zestien steden, en groeit nog steeds. Present bemiddelt tussen groepen vrijwilligers en organisaties die klussen in de aanbieding hebben, zoals schilder- en opknapwerk voor mensen die in een sociaal isolement verkeren. Ik kende Present al uit Zwolle, en deze contacten hebben dit jaar geleid tot een samenwerking met de landelijke CDA-fractie. Diverse Kamerleden en ministers, waaronder Jan Peter Balkenende, Piet Hein Donner en Gerda Verburg, werkten in totaal in negen steden aan een klus mee.
Na een korte briefing door Present konden we direct aan de slag. Ook de Deventer wethouder Gosse Hiemstra, fractievoorzitter Henk Jansen, raadslid Marcel Oosterwegel en statenlid Lutfi Altuntas waren van de partij. Schuur en verwilderde tuin opruimen, schutting verwijderen, pad verbreden en na ruim twee uur was de klus geklaard. Na afloop hebben we nog even doorgepraat over de problematiek van mensen in een sociaal isolement. We zouden natuurlijk graag zien dat je voor dit soort klusjes kunt rekenen op steun van familie, vrienden of buurtgenoten. Maar die steun is om verschillende redenen niet vanzelfsprekend meer. Dan is het prachtig dat er een groep vrijwilligers zich bekommert om het lot van een medemens. Ik hoop dat het mooie werk van Present bijdraagt aan een cultuur waarin we een beetje voor elkaar blijven zorgen…
De afgelopen week was het herfstreces. Lekker om ook door de week 's avonds weer eens thuis met Marsha en de kinderen te kunnen eten. Hoewel, ik had het toch reces toch weer aardig volgepland met werkbezoeken en spreekbeurten. Maandagavond een debat geleid in Raalte over 'zorgen voor elkaar', woensdagochtend een werkbezoek aan de sociaal raadslieden in Zwolle; woensdagavond een discussie over armoede in Loosdrecht; donderdag een werkbezoek in Genemuiden en een opname bij TV Oost; en zaterdag een spreekbeurt bij de basisgroep Sociale Zekerheid. De rode draad: mensen die ondersteuning nodig hebben verdwalen in ons land in de bureaucratie!
Het begon maandagavond in Raalte bij de discussie over de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). Het lokale CDA had voor een volle zaal met veel (ervarings-)deskundigen gezorgd. Dat leverde een boeiende discussie op. Maar ook veel kritiek op de idealistische grondgedachte van de WMO dat mensen vooral meer voor elkaar moeten zorgen. Ook werden er zorgen geuit over de nieuwe lokale indicatiebureaucratie en het gebrek aan maatwerk bij het toewijzen van huishoudelijke hulp. Het meest treffend werd dit uitgebeeld door de groep Mini-X-theater. In een act schetste deze groep de problemen veel cliënten tegen komen wanneer ze hulp nodig hebben, zoals de papieren rompslomp, het gevoel van afhankelijkheid en het gebrek aan oprechte aandacht en zorg.
Woensdagochtend liep ik mee bij de sociaal raadslieden in Zwolle. Veel mensen voorbij zien komen met financiële problemen, schulden en (betalings-)conflicten, maar ook met ingewikkelde formulieren en de bekende 'kastje naar de muur'-klachten. Hier bekroop me weer het gevoel dat we de sociale zekerheid in dit land veel te ingewikkeld hebben gemaakt. Er zijn zoveel soorten uitkeringen, specifieke aanvullingen, toeslagen, fiscale kortingen, kwijtscheldingen en ga zo maar door, dat veel mensen die op deze voorzieningen zijn aangewezen het overzicht volledig kwijt zijn. Het aanvragen van een voorziening is door de vele formulieren vaak ook al niet simpel. Om nog maar te zwijgen over de bereikbaarheid van instanties als je vragen hebt of het niet eens bent met een beslissing. De klantonvriendelijke call-centers van het UWV en Essent spanden op deze ochtend de kroon.
Maar ook de gemeente Zwolle blijkt sommige klanten van de regen in de drup te helpen. Sinds enige tijd bestaat de (op zich goede) mogelijkheid voor minima om voordelig een PC aan te schaffen, zodat kinderen thuis met een computer kunnen leren werken. Bij bijstandsgerechtigden wordt maandelijks automatisch € 12 op de uitkering ingehouden. Andere minima moeten zelf zorgen voor een tijdige betaling aan de gemeente. Een mevrouw die met haar dochter moet rondkomen van een nabestaandenuitkering, bleek een kleine betalingsachterstand te hebben. Zonder meer slordig, maar geen onwil getuige het feit dat de meeste betalingen die wél waren verricht. De gemeente presteert het echter om in deze situatie meteen een incassobureau langs te sturen met een claim van ruim € 1.000. Daar kun je een hele mooie computer van kopen... Deze mevrouw zal dit bedrag nooit kunnen betalen en belandt onherroepelijk in de schuldsanering. Uiteraard moet de gemeente slecht betalingsgedrag niet belonen, maar hier lijkt de maatvoering zoek.
Het woud van regels en bureaucratie bleek woensdagavond opnieuw het belangrijkste thema tijdens de discussieavond van het CDA Wijdemeren over armoede. Er zijn zo veel voorzieningen, maar zie er maar eens bij te komen, was de belangrijkste klacht. "Kan de Belastingdienst toeslagen niet automatisch uitkeren? Ze hebben immers alle gegevens...". Er zijn nu vele vrijwilligers, ouderenadviseurs en kerkelijke diaconieën voor nodig om mensen te wijzen op mogelijkheden.
Donderdag een geweldig werkbezoek gebracht een Gedie BV in Genemuiden. Het bedrijf heeft 40 werknemers, waarvan er 30 jonggehandicapten met een de Wajong-indicatie. Maar ook hier maakt het UWV het leven van ondernemers weer niet eenvoudig, vooral als er aanspraak gemaakt wordt op voorzieningen die er juist voor deze groep werknemers zijn (zoals de loondoorbetaling door het UWV bij ziekte). 's Avonds ging ik met directeur Klaas van Olst en reïntegratiedeskundige Henk Gosker in discussie over dit thema in het RTV-Oost programma In de Wandelgangen.
Dit alles leidde er toe dat ik zaterdagochtend bij de jubileumbijeenkomst van de CDA-basisgroep Sociale Zekerheid heb voorgesteld om de aanval te openen op de uitkeringsbureaucratie. Het lijkt me goed als we dit onderwerp als CDA-fractie de komende periode samen met de basisgroep oppakken.
Ik weet niet of ik opgelucht of teleurgesteld moet zijn: volgens de journalistiek behoor ik niet tot de "Friese maffia". Deze week presenteerde Marcel de Jong van de Leeuwarder Courant zijn boek over de 296 Friese politici die Den Haag sinds 1814 heeft gekend. En ik mag dan een 'Fries om útens' zijn, als je geboren bent in Delft en in Zwolle woont, dan ben je geen Friese politicus. Tot een al te grote identiteitscrisis hoeft dit gelukkig niet te leiden: Gerrit Zalm rekende mij nog niet zo lang geleden met Arie Slob en Co Verdaas tot de "Zwolse maffia". [Meer >]
Afgelopen woensdag was ik op werkbezoek bij Sandd, een snel groeiend postbedrijf in Apeldoorn. Het afgelopen jaar is er met name door vakbonden veel kritiek geuit op het bedrijf, vanwege vermeende slechte arbeidsvoorwaarden. De directie zelf snapt de ophef niet, want er werken immers vrijwillig veel gemotiveerde mensen. Tijd voor een nader onderzoek. [Meer >]
Gisteren werden in het kader van de 'week van de democratie' de uitkomsten bekend gemaakt van een breed onderzoek onder honderdduizend landgenoten naar het vertrouwen in de politiek. Ongeveer de helft van de burgers, zo blijkt uit dit onderzoek, heeft weinig tot geen vertrouwen en voelt zich niet vertegenwoordigd. Ongeveer tweederde denkt dat referenda kunnen bijdragen aan het dichten van de kloof tussen politiek en burger. Ik geloof daar helemaal niets van. [Meer >]
Vandaag vond er in de CDA-fractiekamer op mijn uitnodiging een gesprek plaats met gehandicapte jongeren, ouders, leraren en begeleiders over de Wajong. [Meer >]